Economische gelijkheid en geluk

Hoe sterk is de relatie tussen economische gelijkheid en geluk?

Onlangs publiceerde opiniepeiler Gallup (via) de resultaten van een wereldwijd onderzoek naar emotioneel welbevinden. Wat blijkt? Latijns-Amerikaanse landen behoren tot de meest positief ingestelde landen ter wereld – en dat terwijl we net hadden gehoord dat de inkomensongelijkheid nergens zo groot is als in Latijns-Amerika.

Nu valt er heus het nodige af te dingen op dit onderzoek. Het is gebaseerd op één enkele vraag en respondenten zijn deels ondervraagd via de telefoon. Daarnaast hebben opiniepeilers doorgaans de gewoonte om vaste lijnen af te bellen in plaats van mobiele nummers (die natuurlijk niet in een telefoongids zijn opgenomen) en is het ook nog eens zo dat in armere landen rijken zijn oververtegenwoordigd onder de bezitters van met name vaste telefoontoestellen. Wellicht nog overtuigender is dat ondanks hun grote mate van gemeten geluk, grote aantallen Latijns-Amerikanen ieder jaar op zoek gaan naar een beter leven in de rijkere, westerse wereld.

Aan de andere kant: net zoals er in Latijns-Amerika een regio is gevonden die er uitspringt wat betreft gelukkige landen, is er ook, zij het iets minder duidelijk, een regio waar de mensen meer dan gemiddeld ongelukkig zijn. Deze regio is – hoe kan het ook bijna anders? – de Balkan. Zo neemt Servië qua gemeten geluk op de ranglijst een plek in tussen Irak en Jemen. In Macedonië zijn ze ongeveer net zo gelukkig als in Afghanistan (maar daar zullen ze wel niet veel vrouwen hebben ondervraagd).

Kortom: uit deze opiniepeiling vallen aanwijzingen te destilleren dat geluk in belangrijkere mate wordt bepaald door cultuur en de daarbij behorende levenshouding dan door economische (on)gelijkheid – wat natuurlijk nog niet wil zeggen dat deze laatste factor helemaal geen rol speelt.

Waarom is dit interessant? In de reacties op dit stuk kwam de vraag ter sprake of en zo ja, onder welke omstandigheden, gewapend verzet tegen economische ongelijkheid te rechtvaardigen valt. Mijn insteek was dat gewapende revoluties maar zelden tot een betere uitkomst voor de bevolking hebben geleid. Mede vanwege deze onzekerheid met betrekking tot het eindresultaat van gewapende opstand valt geweldloos verzet in veruit de meeste gevallen te verkiezen boven een meer gewelddadige respons. Wie wil er nu een bus vol non-combattanten (of zelfs dienstplichtigen) opblazen alleen maar om de volgende dictatuur aan de macht te helpen?

Hieraan kan nu dus worden toegevoegd dat zelfs al zou de revolutie een eerlijker welvaartsverdeling bereiken, de effecten daarvan op het welbevinden van de bevolking waarschijnlijk niet reusachtig groot zullen zijn. In ieder geval niet groot genoeg, zo lijkt het, om de dood en het verderf die doorgaans met gewapende revoluties gepaard gaan te kunnen rechtvaardigen. Zelfs de arbeider in de socialistische heilstaat zal met zekere regelmaat een baaldag hebben.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s