Hoe werkt cultuur?

Het begrip ‘cultuur’ wordt regelmatig in verband gebracht met allerlei ongewenst gedrag van met name niet-westerse allochtonen. Maar hoe beïnvloedt cultuur nu eigenlijk ons gedrag?

Onlangs verscheen – voor de zoveelste keer – een behoorlijk deprimerend artikel in de Trouw, getiteld Schaars gekleed? Dan vraag je erom. Het stuk opent als volgt:

Allochtone jongeren leggen, eerder dan autochtone jongeren, bij seksueel geweld de schuld bij het slachtoffer. Dat doen ze vooral als het slachtoffer zich volgens hen ‘sletterig’ kleedt of gedraagt.

Cultuur speelt dan ook een rol bij grensoverschrijdend seksueel gedrag, leert het onderzoek ‘Andere culturen, andere grenzen?’ van kenniscentrum Rutgers WPF.

Dit is natuurlijk lang niet de eerste keer dat het begrip ‘cultuur’ wordt opgevoerd om ongewenst of zelfs crimineel gedrag van allochtonen te verklaren (en het zal zeker ook niet de laatste keer zijn). Maar hoe precies, zo rijst nu de vraag, wordt gedrag door cultuur beïnvloed?

In zijn algemeenheid is deze vraag vanzelfsprekend te veelomvattend om een eenduidig antwoord op te kunnen geven. Maar omdat ook anekdotische inzichten soms nuttig kunnen zijn, wil ik toch een poging doen aan de hand van de ervaringen van Ta-Nehisi Coates, een zwarte Amerikaanse schrijver en journalist die opgroeide in een gewelddadige achterbuurt van Baltimore. En hoewel ze in Baltimore niet veel last schijnen te hebben van Marokkanen en bijbehorende ‘schaamtecultuur’, wonen er wel veel zwarte Amerikanen die, zo weten de meer welgestelden, vooral arm blijven dankzij een culture of poverty waaruit men maar niet wenst te ontsnappen.

Een paar jaar geleden al schreef Coates een kort maar persoonlijk artikel over de manier waarop de culture of poverty, of misschien beter gezegd: ‘de cultuur van de achterbuurt’, nog steeds zo nu en dan in zijn gedrag komt bovendrijven. Ik raad iedereen aan het hele stuk te lezen, maar voor de ongeduldigen onder ons zal ik er enkele passages uitlichten.

Coates opent zijn betoog met een verhaal hoe de verbale provocaties van een medeschrijver er bijna toe leidden dat hij – een net gearriveerde blogger en journalist – met zijn uitdager op de vuist ging. In het soort achterbuurt waarin hij opgroeide was het namelijk niet verstandig, zo vertelt hij, provocaties zo maar te laten passeren. Ook verbale vechtpartijen dienden zo nodig met fysiek geweld te worden beslist:

I didn’t believe in threatening people and then not following through. Perhaps as 14 year old, on the streets of West Baltimore, back at Mondawmin Mall, the response would have been correct. In fact, I was a 33-year old contributing editor at a well-regarded magazine who’d just implicitly threatened someone on the property of my brand new employer. […]

If you are a young person living in an environment where violence is frequent and random, the willingness to meet any hint of violence with yet more violence is a shield. Some people take to this lesson easier than others. As a kid, I hated fighting – not simply the incurring of pain, but the actual dishing it out. […] But once I learned the lesson, once I was acculturated to the notion that often the quickest way to forestall more fighting, is to fight, I was a believer. And maybe it’s wrong to say this, but it made the rest of my time in Baltimore a lot easier […]

Kortom: gedrag (in dit geval: de bereidheid tot vechten) dat in de ene wereld iemand helpt te overleven kan in een andere wereld je carrière verwoesten. In de woorden van Coates:

I say it to point how difficult it is to get people to discard practices which were essential to them in one world, but hinder their advancement into another. And then there’s the fear of that other world, that sense that if you discard those practices, you have discarded some of yourself, and done it in pursuit of a world, that you may not master.

Het is niet moeilijk voor te stellen dat ditzelfde mechanisme een rol speelt in het gedrag van jongeren in Amsterdam-West. Je kunt dan wel als een soort roepende in de woestijn het onderscheid tussen ‘goede’ en ‘slechte’ meisjes loslaten en niet langer vinden dat draagsters van korte rokjes sletten zijn, maar bij je vrienden lig je er dan wel uit. Zelfs onder vrouwen maak je niet noodzakelijkerwijs nieuwe vrienden. Je hoofddoekdragende buurtgenotes en familieleden zullen je in ieder geval niet begrijpen.

Dus wat schiet je ermee op? Het is heus niet zo dat de autochtonen je met open armen staan op te wachten. Échte Nederlander word je immers misschien wel nooit.

Dit alles neemt niet weg dat een cultuur waarin slachtoffers van seksueel geweld de schuld krijgen van wat hen is overkomen een cultuur is waarin dergelijk geweld aanzienlijk vaker voor zal komen. Daar moet dus wel degelijk iets aan worden gedaan. Wees echter niet verbaasd als dit wat meer moeite kost dan het geven van een simpele uiteenzetting over de superioriteit van het westerse gedachtengoed.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s