Terrorisme of industriële veiligheid? Terrorisme wint!

Vrijwel tegelijkertijd met de terroristische aanslag op de marathon van Boston, vond een grote explosie plaats in een kunstmestfabriek in het plaatsje West, Texas. Hoewel daarbij méér doden vielen dan in Boston, besteedden de Amerikaanse media maar weinig aandacht aan deze zaak. Was dat terecht of niet?

Het nieuws uit de VS werd de afgelopen tijd gedomineerd door de aanslag in Boston. Mede hierdoor werd relatief weinig aandacht besteed aan de explosie in een kunstmestfabriek in het plaatsje West in de staat Texas, waarbij vijftien doden vielen (vijf keer zo veel als in Boston), 160 mensen gewond raakten en meer dan 150 gebouwen werden verwoest.

Het verschil in media-aandacht is niet onbegrijpelijk: doelbewuste moord is natuurlijk een opvallender gegeven dan een ongeluk. Bovendien past een grootschalig industrieel ongeluk minder goed in een keurig, gemakkelijk te begrijpen verhaal: er zijn immers geen overduidelijke duidelijke schurken en helden. Tenslotte valt niet uit te sluiten dat ook klassenverschillen een rol speelden: zowel journalisten als (betalende) nieuwsconsumenten zullen zich sneller identificeren met middle class bezoekers van een sportwedstrijd dan met de hele of halve hilbillies die noodgedwongen direct naast een kunstmestfabriek moeten wonen.

De relatieve onzichtbaarheid van industriële en werkgerelateerde ongelukken in, met name, de Amerikaanse media is echter niet zonder gevolgen:

This decline in coverage [of workplace safety] has created an environment in which companies may feel as if they can get away with massive safety violations because they will face little scrutiny from the media and the public. For instance, in 2010, an explosion at the Upper Big Branch Mine in West Virginia killed 29 miners. In the year leading up to the explosion, according to the Pittsburgh Post-Gazette, the mine was cited 458 times for safety violations, with 50 of those violations being “for willful or gross negligence”— a rate nearly five times the national average for a single mine. But after the disaster, this information and the story of the mine disaster vanished from the national discourse, and new mine safety legislation failed to pass even a Democratic-controlled House of Representatives.

Ook in de kunstmestfabriek in West was niet alles zoals het hoorde:

The plant had 1,350 times the legally allowed amount of highly explosive ammonium nitrate, yet hadn’t informed the Department of Homeland Security of the danger. Likewise, the fertilizer plant did not have sprinklers, shut-off valves, fire alarms or legally required blast walls, all of which could have prevented the catastrophic damage done. And there was little chance that regulators would learn about the problems without the company reporting them: Not only had the Occupational Safety and Health Administration not inspected the plant since 1985 but also, because of underfunding, OSHA can inspect plants like the one in West on average only once every 129 years.

Het gevolg van dergelijke laksheid? In 2011 stierven 4.609 Amerikanen door werkgerelateerde ongevallen, ofwel 3,5 doden per 100.000 werknemers. Ter vergelijking (ervan uitgaande dat de gebruikte meetmethoden grotendeels vergelijkbaar zijn): in Nederland vallen 1,6 doden per 100.000 werknemers, minder dan de helft van het Amerikaanse cijfer.

Maar daar staat dan weer tegenover dat men in de VS – dankzij een stevig geloof in het vrije ondernemerschap en een kleine overheid – veel vrijer is dan hier. En die vrijheid mag natuurlijk best wat kosten.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s