Edmund Burke en armoede

Een tijdje terug schreef ik een stuk over het gedachtengoed van de grote inspirator van conservatief Nederland: Edmund Burke.

Deze blogpost van Corey Robin is een aardige aanvulling daarop:

Throughout his career, Burke’s financial state had been precarious. Much to his embarrassment, he was periodically forced to rely upon well timed gifts and loans from his wealthier friends and patrons. […]

Thanks to the interventions of his well connected friends, Burke secured from Pitt in August 1795 two annuities that would wipe out his debts and a pension that, along with an additional pension and the income from his estate, would enable him and his wife to live in comfort into their old age.

Three months later, when Burke took up his pen against a proposal for the government to subsidize the wages of farm laborers during bad harvest years (so that they could sustain themselves and their families), he wrote, “To provide for us in our necessities is not in the power of government.”

Het is hierdoor natuurlijk bijzonder gemakkelijk om Burke van hypocrisie te beschuldigen: zelf wel hengelen naar financiële steun van de overheid, maar anderen – die bovendien met échte armoede te maken haebben – dergelijke assistentie ontzeggen.

Toch denk ik dat een beschuldiging van hypocrisie niet terecht is. Burke was immers parlementslid en van duidelijk betere komaf dan de landarbeiders die hij aan hun financiële lot wilde overlaten. En juist vanwege deze betere komaf was het – in de context van de late achttiende eeuw – volstrekt logisch dat voor hem (en zijn standgenoten) andere regels golden. In zijn Reflections on the Revolution in France pleitte Burke immers niet alleen vóór adel en monarchie (en tegen democratie), maar schreef ook het volgende:

But to drive men from independence to live on alms is itself great cruelty. That which might be a tolerable condition to men in one state of life, and not habituated to other things, may, when all these circumstances are altered, be a dreadful revolution, and one to which a virtuous mind would feel pain in condemning any guilt, except that which would demand the life of the offender.

Met andere woorden: armoede voor iemand als Burke (“an independent man”) is – niet alleen subjectief, maar ook objectief – heel wat erger dan armoede voor een stelletje miserabele loonslaven. Want die weten (en verdienen) toch niet beter.

Ik heb overigens een donkerbruin vermoeden dat conservatief Nederland er nog steeds vergelijkbare ideeën op nahoudt: mordicus tegen huursubsidie en pro-hyptheekrenteaftrek, stel ik me zo voor.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s