Twee werelden

In de VS is de ene werknemer de andere niet. En dat heeft weinig met prestaties te maken. Zou het in Nederland anders zijn?

Business Week berichtte een week of twee geleden dat steeds meer grote bedrijven, naast gouden handdrukken voor vertrekkende bestuurders, ook nieuwe bestuurders voorzien van een gouden handdruk, een zogenaamde welkomstbonus. Nog voordat de nieuwe bestuurder ook maar iets heeft gepresteerd, worden al de nodige miljoenen op zijn bankrekening bijgeschreven.

Zo ontving de voormalige CEO van JC Penny, een Amerikaanse warenhuisketen, een welkomstbonus van een kleine 53 miljoen dollar. Zeventien maanden later was deze CEO, Ron Johnson, alweer ontslagen. In de tussentijd had hij zijn nieuwe bedrijf alleen maar dieper in de zorgen gedrukt.

Bedrijven rechtvaardigen het uitdelen van dergelijke welkomstbonussen doorgaans met het argument dat hun nieuwe bestuurder, door bij de oude werkgever te vertrekken, geen aanspraak meer kan maken op bepaalde toegezegde beloningen. En het is natuurlijk niet de bedoeling dat mensen als CEO’s financieel risico lopen vanwege de carrièrekeuzes die ze maken. Dat is meer iets voor gewone werknemers.

Ron Johnson is overigens niet de enige CEO waarmee het misging in de retail business. Ook hedge fund manager Eddie Lampert werd ooit verwelkomd als grote redder van de Amerikaanse winkelketen Sears. Geïnspireerd door het vrije marktfundamentalisme van zijn grote idool Ayn Rand, liet hij zijn managers tegen elkaar concurreren, vanuit de gedachte dat de drang tot lijfsbehoud en ordinaire zelfzucht mensen tot grootse economische prestaties aanzet.

Het resultaat was voorspelbaar: in plaats van gezamenlijk in het belang van het gehele bedrijf te werken, begonnen individuele managers elkaars divisies te ondermijnen in een gevecht om financiering, persoonlijke carrièrekansen en de gunst van de grote baas. Inmiddels sloot Sears de helft van alle winkels en verloor daarnaast meer dan de helft van zijn beurswaarde.

Liever dan in fysieke winkels of bedrijfsvoering te investeren, liet Lampert Sears een deel van de eigen aandelen terugkopen, om zo de beurskoers de beïnvloeden en – als grootaandeelhouder – zijn eigen zakken te vullen. In tegenstelling tot de rest van zijn bedrijf, gaat het Lampert, na acht jaar wanbeleid, dus nog steeds voor de wind.

Terwijl CEO’s van grote bedrijven goed voor zichzelf zorgen, ziet de situatie op de werkvloer er heel anders uit. Zelfs in de Amerikaanse bankensector, waar inmiddels weer recordwinsten worden geboekt (en recordbonussen worden uitgekeerd), hebben gewone werknemers het zwaar. Drie van de tien baliemedewerkers bij banken verdienen zodanig weinig dat ze afhankelijk zijn van enige vorm van publieke ondersteuning. Dit kost Amerikaanse belastingbetalers zo’n 900 miljoen dollar per jaar. Nóg een manier, zeg maar, waarop lagere en middeninkomens mogen bijdragen aan het rendement van aandeelhouders en de bonussen van miljonairs in de financiële sector.

Niet omdat het redelijk is, maar omdat het kan.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s