Tagarchief: VVD

De VVD haat werknemers

De VVD-voorstellen voor het ontslagrecht laten zien dat deze partij vooral grote bedrijven dient. De positie van werknemers wordt nog verder uitgekleed dan in eerste instantie al de bedoeling was en het MKB krijgt enkel achteraf nog wat kruimels toegeworpen.

Eerder vandaag al, verscheen dit leugenachtige bericht op de VVD-site, waarin de kabinetsplannen om de maximale ontslagvergoeding te beperken werden gepresenteerd als een duidelijke vooruitgang voor ‘werkend Nederland.’ Want ‘werkend Nederland’ is in de optiek van de VVD natuurlijk allereerst de werkgevers.

Om het allemaal nog iets erger te maken, werd het bovenstaande gevolgd door dit:

Kleine bedrijven moeten voorlopig worden ontzien bij de nieuwe ontslagregeling, zodat ze goedkoper uit zijn. De VVD zal dat woensdag voorstellen in een debat met minister Lodewijk Asscher van Sociale Zaken. […]

VVD-Kamerlid Cora van Nieuwenhuizen wil dat er voor […] bedrijven [met minder dan 25 werknemers] een overbruggingsregeling komt tot 2020. Die houdt in dat kleine bedrijven tot dat jaar bij de berekening van de ontslagvergoeding mogen uitgaan van het dienstverband vanaf 1 mei vorig jaar. Dienstjaren van voor die periode tellen dan niet mee bij de berekening van de ontslagvergoeding, waardoor die lager uitvalt.

[…]

Van Nieuwenhuizen wil voorkomen dat kleine bedrijven door het nieuwe systeem financieel in de knel raken en daardoor nog meer mensen moeten ontslaan.

Klinkt ergens nog wel logisch, toch?

Niet als je weet hoe de huidige voorstellen ter herziening van het ontslagrecht tot stand zijn gekomen. In het Lente-akkoord van 2012, en later opnieuw in het sociaal akkoord van voorjaar 2013, werd opgenomen dat de werkgever bij iedere onvrijwillige beëindiging van een dienstverband de werknemer een ‘transitievergoeding’ is verschuldigd (en daarnaast opdraait voor de eerste paar maanden WW) om daarmee het wegvallen van salaris en de overstap naar een nieuwe baan te faciliteren.

Deze transitievergoeding moet zelfs worden betaald bij ontslag om bedrijfseconomische redenen. Iets waarvan in het huidige systeem geen sprake is. Toenmalig voorzitter van MKB-Nederland, Hans Biesheuvel, was in de zomer van 2012 dan ook niet bepaald positief over het nieuwe ontslagrecht. In zijn woorden:

“Wat gepresenteerd wordt als een verbetering, zou zomaar een sigaar uit eigen doos kunnen worden. […]

[Het MKB] is niet de sector waar topsalarissen verdiend worden. Mkb’ers hebben gemiddeld zes tot zeven man in dienst. Ze zijn vaak erg vergroeid met hun personeel en nemen niet zomaar afscheid van hen. Dat gebeurt vooral als er bedrijfseconomische redenen voor zijn. Dan verleent het UWV een vergunning, en hoeft geen ontslagvergoeding te worden betaald. Wat ons betreft is de ontslagvergoeding nooit een van de grootste problemen geweest.”

Anders gezegd, het nieuwe ontslagrecht met een maximale ontslagvergoeding van 75.000 euro is vooral gunstig voor grote bedrijven die goedkoop van hun personeel af willen – ook in gevallen waarin geen economische noodzaak daarvoor bestaat.

In het sociaal akkoord van afgelopen voorjaar heeft men wat betreft de herziening van het ontslagrecht dus opnieuw vooral de belangen van grote bedrijven gediend, ten koste van de belangen van zowel werknemers als het MKB.

En nu, na het allereerst de grote bedrijven naar de zin te hebben gemaakt, wil de VVD eventueel ook nog wel iets voor het MKB betekenen. Zogenaamd omdat kleine bedrijven door het nieuwe stelsel in de problemen kunnen komen, waardoor ze nog meer mensen zouden moeten ontslaan (en dat wil natuurlijk niemand, toch?).

Maar zelfs dat is leugenachtig gelul. In het sociaal akkoord is immers nu al deze passage te vinden (pp. 29-30):

Met betrekking tot de hoogte van de transitievergoeding wordt geregeld: […] een hardheidsclausule die inhoudt dat de verplichting tot betaling van een transitievergoeding kan worden verminderd dan wel op nul gesteld indien de betaling van de volledige vergoeding ertoe zou leiden dat de continuïteit van het bedrijf in gevaar komt. Dit geldt ook wanneer dit tot gevolg zou hebben dat een groter aantal ontslagen nodig is onder de voorwaarde dat de werkgever ten opzichte van de betrokken werknemers aan zijn verplichtingen als goed werkgever met betrekking tot employability en duurzame inzetbaarheid heeft voldaan;

Het is hiermee (voor zover dat niet al het geval was) volstrekt duidelijk geworden wie de VVD wenst te dienen. Grote bedrijven staan met afstand op één. Het MKB mag zich verheugen op halfslachtige inspanningen achteraf. De rechtspositie van werknemers, tenslotte, die moet zoveel mogelijk worden uitgekleed en ondermijnd.

Want dat, zo vinden ze bij de VVD, is goed voor de economie.

Mogen we dit ondertussen al klassenstrijd vinden?

Advertenties

Nieuwe bijstandsplannen: politieke partijen lullen maar wat

Gisteren konden we al lezen dat het kabinet een akkoord heeft bereikt met enkele oppositiepartijen over het voorstel om de bijstand aan te passen.

Conclusie: het lijkt allemaal net iets minder draconisch te zijn geworden dan oorspronkelijk de bedoeling was.

De PvdA kraait dan ook luidkeels victorie: Nieuwe bijstand: solide vangnet, niemand aan de kant en zicht op werk is de kop van het bijbehorende nieuwsbericht op hun site dat met de volgende paragraaf opent:

Mensen perspectief bieden en ze niet aan de kant laten staan, een solide vangnet voor iedereen zonder werk en uiteraard zicht op werk. Dat zijn de drie uitgangspunten van de nieuwe bijstandswet. Een resultaat waar de Partij van de Arbeid over te spreken is.

Zou het echt?

De VVD tapt namelijk uit een heel ander vaatje: VVD zeer tevreden met aanscherping Bijstandswet is hun interpretatie van het akkoord:

Het kabinet heeft vandaag samen met VVD en PvdA overeenstemming bereikt met D66, ChristenUnie en SGP over de Participatiewet en de aanscherping van de bijstandswet (WWB). Dit betekent dat er nu een breed politiek draagvlak is om de wet flink aan te scherpen.

Minimaal één partij lult hier uit zijn nek. Het lijkt me in dit geval niet de VVD te zijn.

Mandela, apartheid en de Tweede Kamer

Nelson Mandela en het ANC werden door Nederlandse politici niet altijd even positief bekeken. Inmiddels lijkt de herinnering daaraan grotendeels verdwenen.

Bij het overlijden van Nelson Mandela durfden maar weinigen kritiek te hebben op de voormalige leider van het ANC en Zuid-Afrika. Dat was anders toen hij nog gevangen zat op Robbeneiland. Naar verluid duidde Margaret Thatcher hem aan als that grubby terrorist. Zeker is in ieder geval dat Thatcher, kenmerkend voor de Britse Conservatieven, het ANC a typical terrorist organisation vond.

Ronald Reagan, wiens beleid ten opzichte van Zuid-Afrika door Desmond Tutu werd omschreven als immoral, evil and totally un-Christian, plaatste het ANC op een lijst van terreurgroepen, een situatie welke tot 2008 zou voortduren.

Ook in Nederland werden Mandela en het ANC niet altijd in een positief licht gezien. Weliswaar werd op 21 juni 1983 een motie (pdf), ingediend door CDA’er Jan Nico Scholten, in de Tweede Kamer aangenomen waarin werd opgeroepen tot vrijlating van Nelson Mandela, maar met name tegen concrete maatregelen om de apartheid te bestrijden bleef veel verzet bestaan.

Klein rechts (SGP, GPV, RPF)
Op dezelfde dag dat de motie-Scholten werd aangenomen, werd, zoals blijkt uit het kamerverslag (pdf), tevens gedebatteerd over de vraag of Nederland eenzijdige economische sancties tegen het Zuid-Afrikaanse apartheidsregime zou moeten treffen. Vooral de houding van de kleine christelijke partijen SGP, GPV en RPF was daarbij opvallend.

Hoewel de woordvoerders van deze partijen de apartheid eensgezind veroordelen, wordt toch vooral benadrukt dat Zuid-Afrika geen monopolie op onderdrukking heeft. In de woorden van Henk van Rossum (SGP):

De Haryans of de onaanraakbaren in het kastestelsel in India hebben bepaald geen betere status; de Indian Tamil op Sri Lanka zijn ook verre van te benijden. In vele landen, die door een één-partijenstelsel worden geregeerd, is er een heersende stam en is het lot van de andere stammen ook verre van benijdenswaardig.

Om de Zuid-Afrikaanse regering haar bepaald niet ongebruikelijke dwalingen te laten inzien, zou daarom niet alleen van economische sancties moeten worden afgezien, maar zouden de culturele contacten juist moeten worden aangehaald. ‘Men moet op reële wijze trachten de samenleving juist door zoveel mogelijk contacten in de goede richting te sturen,’ aldus Van Rossum.

Helemaal bont wordt het gemaakt door Aad Wagenaar (RPF), die iedere concrete actie tegen het Zuid-Afrikaanse apartheidsregime afdoet als een ‘zinloze beoefening van internationale moraliteit’. Een toch wel opmerkelijke uitspraak voor een parlementariër van een getuigenispartij.

Wagenaar en Gert Schutte (GPV) benadrukken bovendien dat er haast zeker niets goeds van kan komen als de blanke Afrikaners moeten samenleven met de zwarte meerderheid. Schutte:

Kan de Minister mij één land in de wereld aanwijzen waar binnen één staatsverband verschillende volken en culturele identiteiten vreedzaam samenleven zonder dat daarbij sprake is van discriminatie?

De oplossing? Een eigen ‘zuivere’ staat voor de blanke Afrikaners:

Hebben de Afrikaners, zo goed als de kleurlingen en de zwarten recht op een eigen identiteit die zich niet slechts laat beschrijven in culturele en taalkundige rechten maar die ook tot uitdrukking komt in een staatkundige structuur? Het lijkt mij moreel en volkenrechtelijk nauwelijks mogelijk de Afrikaner dit recht te ontzeggen.

Wagenaar is iets minder expliciet, maar pleit, in het kader van het aloude orthodox-protestante ‘soevereiniteit in eigen kring’, voor ‘de eigensoortige ontwikkeling van de volken in [Zuid-Afrika]’. Ergens doet dat toch best wel denken aan seperate but equal.

Van Rossum, tenslotte, duidt het ANC nog even expliciet aan als een terroristische organisatie, terwijl Wagenaar het betreurt dat de Raad van Kerken zo onchristelijk is gebleken dat de sympathie meer uitgaat naar de revolutie van het ANC en SWAPO dan de ‘evolutie’ die van de christelijke Afrikaners valt te verwachten.

Kortom: de status quo anno 1983, inclusief scheiding van blank en zwart, is volgens de zwarte kousenchristenen zo heel erg slecht nog niet.

Centrumpartij
De positie van de extreem-rechtse Centrumpartij, bij monde van fractievoorzitter Hans Janmaat, is heel wat prozaïscher. Naar eigen zeggen tegen apartheid, vindt Janmaat toch dat de Nederlandse regering eerst maar eens de problemen in eigen land moet aanpakken. Wel is Zuid-Afrika belangrijk in de strijd tegen het communisme. ‘Daar moeten wij dan partij in kiezen,’ aldus Janmaat. Geen sancties dus.

VVD
Bij het lezen van het standpunt van de VVD, verwoord door een jonge Frans Weisglas, valt een zeker déjà vu-gevoel haast niet te vermijden. Weisglas opent als volgt:

De politiek van apartheid, deze ontkenning van de fundamentele gelijkwaardigheid van de mens, staat haaks op de principes van liberalisme en democratie, die bepalend zijn voor het denken en doen van een liberale partij als de VVD.

Maar daarmee heeft Weisglas zijn hart nog niet gelucht. Het Zuid-Afrikaanse apartheidsregime verdient in zijn ogen zelfs het predicaat ‘mensonwaardig’.

Maar die liberale principes zijn enkel voor de bühne. Want sancties zijn ook slecht voor de eigen portemonnee. Alleen al bij de KLM zouden wel eens vierhonderd arbeidsplaatsen op de tocht kunnen komen te staan! Bovendien weten die arme, onderdrukte Zuid-Afrikanen toch al wel dat we in ons hart ten diepste met hen sympathiseren. Weisglas:

Mijnheer de Voorzitter! Het is echter toch duidelijk dat ook zonder het treffen van economische maatregelen de opvattingen van Nederland ten aanzien van Zuid-Afrika bekend zijn, ook bij de slachtoffers van het beleid aldaar?

Kortom: ondanks alle mooie woorden, vooral niks concreets ondernemen voor de onderdrukte en/of arme medemens. En zeker niet als het geld kost.

Parallellen
Het oude raciaal gesegregeerde Zuid-Afrika bestaat niet meer. Niettemin zijn er opvallende parallellen te ontwaren tussen de behandeling van Zuid-Afrika en Israël, een andere staat met een apartheidsprobleem, in de Nederlandse politiek. De kleine christelijke partijen SGP en ChristenUnie staan uit culturele en religieuze affiniteit vrijwel onvoorwaardelijk achter Israël. De PVV, steeds zichtbaarder geestelijk erfgenaam van de Centrumpartij, is pro-Israël vanwege een gedeelde vijand: deze keer niet de communisten, maar de islamitische en jihadistische horden. En de VVD is, zoals gebruikelijk, hartstikke liberaal, behalve als het aankomt op de vrijheid van het verkeerde soort mensen.

Plus ça change, plus c’est la même chose…

VVD: Bedrijfswinst gaat boven arbeidsveiligheid

Uit een bericht op nu.nl:

Sommige arboregels die de veiligheid voor werknemers garanderen zijn knellend, overbodig en werken soms averechts.

Dat stelt de VVD donderdag tijdens een debat over arbeidsomstandigheden voor werknemers.

OK, kan. Overbodige regels afschaffen dus?

Nee, de VVD wil iets anders, namelijk ‘veiligheidsbewuste’ bedrijven vrijstelling geven van alle arboregels:

De VVD wil dat bedrijven vrijstelling krijgen voor de arboregels als blijkt dat het algemene veiligheidsbeeld goed genoeg is.

Zoals ik eerder schreef: werknemers hebben bij de VVD niets te zoeken.

UPDATE: het gelinkte artikel is inmiddels zodanig aangepast dat de hierboven geciteerde zinnen zijn verdwenen.

Nederlandse politiek in een notendop

Een paar rake typeringen van Nederlandse politieke partijen uit de column van Bas Heijne:

Over de PvdA:

De leden van die partij hebben idealen, die ze om aan de macht te komen consequent verkwanselen. Daarna krijgen ze spijt. Altijd.

Het CDA:

Het ís ook lastig. Idealen in de politiek, bedoel ik. Het CDA weet die twee van oudsher heel goed uit elkaar te houden – wat je zegt is niet wat je doet. Sterker, als je iets moois over de samenleving zegt, is het net alsof je eigenlijk al iets moois hebt gedaan. Nog in de vorige regering werd snoeihard neoliberaal beleid met een stalen gezicht als gemeenschapszin verkocht; wij bezuinigen zo veel mogelijk weg, zodat mensen eindelijk weer oog voor elkaar kunnen krijgen.

En de VVD:

De VVD heeft traditioneel een hekel aan idealistisch gedoe – toen de jonge leider van de JOVD tijdens het congres over het regeerakkoord met moeite spreektijd bevocht om over liberale waarden te spreken, had hij het uiteindelijk alleen over geld.

Spijt, schijnheiligheid en geld lijken mij inderdaad behoorlijk toepasselijke kwalificaties voor de traditionele ‘grote drie’. Maar welk woord past het beste bij de PVV? Heijne zwijgt hierover. Mijn stem gaat naar ‘rancune’.

Kok mag geen eten uitdelen aan daklozen

Een lokale overheid aan het werk (via):

Kok Rahal Lamlih mag niet meer in de buurt komen van daklozenopvang ’t IJ aan de Slingerweg. […] In 2011 kreeg Lamlih ook al een verbod om nog langer voedsel uit te delen aan de daklozen in Breda. Hij zou voor overlast zorgen, doordat er steeds meer mensen op af kwamen. En het gratis geven van eten staat haaks op het beleid van de gemeente. Die vindt dat daklozen er iets voor moeten doen.

Tegenwoordig zien we wel vaker dat overheden ‘overlast’ maar al te graag als generieke stok gebruiken om ongewenste activiteiten onmogelijk te maken – zelfs als de activiteit in kwestie, zoals hier overduidelijk het geval is, onmogelijk als illegaal valt te bestempelen.

Misschien nog erger is de notie dat daklozen (verslaafden, psychiatrisch patiënten, etc.) een ‘tegenprestatie’ moeten leveren om überhaupt aan eten te komen. Anders blijven ze lui, natuurlijk. Wie niet werkt, zal ook niet eten, etc.

Het zal geen verrassing zijn dat onze neoliberale vrienden van de VVD de grootste partij zijn in de gemeenteraad van Breda. Het college van B&W bestaat uit een coalitie van VVD, CDA en GroenLinks.

Gaat lekker GroenLinks!

Hans Wiegel is tenminste eerlijk

Ik heb het altijd een gotspe gevonden om de VVD als een liberale partij te beschouwen. Niet dat deze partij geen liberale vleugel heeft, maar als puntje bij paaltje komt drukken de conservatieven doorgaans een aanzienlijk zwaarder stempel op de partijkoers. Het gemak waarmee Rutte niet al te lang geleden, behalve met CDA en PVV, ook nog eens met de SGP overweg kon zegt eigenlijk al voldoende.

Partijcoryfee Hans Wiegel doet er desondanks nog een schepje bovenop:

Oud-VVD-leider Hans Wiegel heeft dinsdag kritiek geuit op de ‘immateriële agenda’ zoals premier Mark Rutte die bepleit nu hij niet meer met het CDA regeert en geen rekening meer hoeft te houden met de SGP. […]

Volgens Wiegel zou het ‘wijzer en liberaler’ zijn om de trouwambtenaren die weigeren homostellen te trouwen, met rust te laten. […]

Ook het standpunt van de VVD om meer koopzondagen mogelijk te maken kan de goedkeuring van Wiegel niet wegdragen.

Helder genoeg zo?